Dag 12/21

Kenai Fjords

Ik kan maar moeilijk uit bed komen. Niet zo goed geslapen. De kamer was erg warm gister en er komt ook een hoop lawaai van buiten binnen. Het is denk ik wel de grootste kamer die ik ooit heb gehad. Is wel een eindje wandelen voordat ik aan de andere kant ben. Zeker een meter of 12 en allemaal ramen aan de lange kant. Ze zouden zoveel van dit hotel kunnen maken maar het personeel geeft een hele vreemde indruk. Gisteren toen ik binnen kwam waren twee kerels achter de balie met elkaar in discussie. Dat ging een tijdje zo door en toen had er eentje tijd voor mij. Paar flauwe grapjes waar ik niets mee kon. Ik zou mijn ogen uit mijn kop schamen als ik daar achter de balie stond. Klanten gaan toch altijd voor onderonsjes met collega’s maar goed had al in de recensies gezien dat het niet heel best was.

Gisteravond opeens geen internet meer, dus na een half uurtje de balie maar eens gebeld of ze er al van weten. Het enige dat ik te horen kreeg was een chagrijnig “They’re busy”. Vanacht natuurlijk warm en herrie. Vanochtend loop ik maar even langs bij de balie en zeg tegen dat meisje dat het wireless internet het nog steeds niet doet. Kijkt me een beetje wazig aan en zegt dan ’Oh you want to have a password’. ’No I do have a connection but there is no internet access’. Weer die wazige blik. ’Has that something to do with equipment?’. ’I think so.’, “No I don’t know anything about that” en kijkt me dan aan met een blik of ik nu alsjeblieft weer op wil sodemieteren want ze heeft blijkbaar belangrijkere dingen te doen.

Laat ook maar. Eerst maar even ontbijten en dan zo snel mogelijk weg uit dit gekkenhuis. Wafeltje bakken, dan drinken tappen uit een sapautomaat, sproeit dat kreng me helemaal onder. Tap er naast idem dito. Pffft. Later zit ik mijn wafel naar binnen te werken, komt een schoonmaakster de vloer dweilen die ik zojuist heb ondergespetterd. Gaat dat hier de hele dag door zo???

De pc hier heeft wel internet dus kan mooi nog even hotel boeken in Seward voor vanavond. Dan snel op pad want het is ongemerkt al laat geworden. 07:30 en om 11:30 vertrekt de toerboot uit Seward waar ik mee mee wil. Het is 126 mijl dus met een dikke 2 uur rijden zou ik er moeten kunnen zijn.

Het is bewolkt en onderweg regent het wat, niet veel overigens. Wel weer timelapse film gemaakt van de hele route. Onderweg valt ook van alles te zien en te doen, maar daar heb ik nu geen tijd voor. Dat komt van de week op de terugweg wel. Er is veel oponthoud onderweg door werkzaamheden en ook snelheidsbeperkingen waardoor ik die 2 uur helemaal niet redt. Eigenlijk ga je automatisch van de meest positieve situatie uit (60 is maximum snelheid) terwijl het alleen maar kan tegenvallen.

Uiteindelijk heb ik nog een klein uurtje over en ik heb de boot al snel gevonden. Er is gelukkig nog plaats. Het tochtje gaat maar liefst 6 uur duren. Voor we weggaan moeten we een uitgebreide monoloog ondergaan over wat we allemaal wel en niet mogen en vooral wat we moeten doen. Komt een beetje negatief over. Je wil juist een beetje enthousiast verhaal horen over wat je allemaal gaat zien en aan de zijlijn even een paar huisregels maar dit is een kapitein die geen rotzooi op zijn boot wil. Beetje typisch. Ben wel een leukere aanpak gewend.

Dan varen we eindelijk de haven uit. Al snel krijgen we een aantal orca’s te zien. Zoals altijd lastig te fotograferen. Ze zijn maar enkele seconden boven en duiken een tijdje later weer ergens op, meestal daar waar je ze niet verwacht. Er zijn hier een aantal families die in Resurrection Bay leven. Deze orca’s zijn residents en blijven in deze baai en de directe omgeving. Ze leven uitsluitend van vis. Aan de vinnen kun je zien welke individuen het zijn.

Daarnaast zijn er ook nog orcafamilies (pods) die wel buitengaats gaan. Zij leven in een gebied dat zich 50 km km in de oceaan uitstrekt en 1500 km aan weerszijden van de baai. Die orca’s leven van zeehonden, zeeleeuwen en jonge, oude en zieke walvissen naast de sporadische vis. Deze families blijven hun leven lang bij elkaar. Instinctief weten ze dat niet met elkaar moeten paren. In de paartijd zoeken verschillende families elkaar op om inteelt te voorkomen.

Daarna een plekje waar 3 bold eagles zitten, twee volwassenen en een jong dat aan een stuk vis zit te pulken. Deze krijg ik er allemaal goed op. Fraaie plaatjes worden het en goed scherp ondanks een bewegende boot.

Een tijd later draaien we een baai in waar een groep harbor seals op de rotsen ligt. Die zijn heel schuw en via de megafoon gebiedt de kapitein ons om vooral stil te zijn of als het moet zachtjes te praten. Hmmm. Zodra we voor de kant liggen breekt de paniek uit. Eerst racet een jong naar het water en dan volgt de rest om uiteindelijk vlak voor het water toch aan land te blijven. ’as Zomers is het aan land warmer dan in het water en ’s winters is dat andersom. Daarom rusten de zeehonden vaak uit aan land in de zomer om energie te sparen voor de winter.

Onverwacht stuiten we op enkele zeeotters. Grappige beestjes. 200 jaar terug zijn ze bijna uitgeroeid, zoals zo’n beetje alles waar bont op zat. Ze kwamen hier niet eens meer voor. Nu komen ze weer voor op alle plaatsen waar ze vroeger ook voorkwamen alleen nog niet in dezelfde aantallen. Zeeotters hebben de vacht met de grootste haardichtheid van alle dieren.

Jammer genoeg heb ik mijn belichting niet goed staan met veel te donkere foto’s als resultaat. Al snel krijgen ze de boot in de gaten en duiken onder. Wat verderop komen ze weer boven en terwijl de boot alweer wegvaart kan ik er toch nog eentje maken, zij het van wat verder weg.

Zo gaat het de hele tijd: een eind varen met 25 knopen en dan even een paar minuten stoppen om iets te zien. Dan komen we bij de eerste gletsjer, de Aialak. Wat een enorm ding zeg. Op het eerste gezicht is het gewoon een gletsjer totdat je zo’n bootje ervoor ziet liggen. Hij is echt heel groot, een paar mijl breed en steekt zo’n honderd meter boven het water uit, 12 mijl lang en 4000 ft dik. Terwijl we er naartoe varen pingelen de ijsblokken tegen de romp. Heel dichtbij kunnen we niet komen en dat maakt inschatten van de grootte helemaal lastig.

Maar terwijl de kapitein van alles uitlegt over de gletsjer valt me heel wat anders op. Op een heleboel ijsschotsen liggen harbor seals uit te rusten, een buitenkansje en ik schiet er lustig op los. Daarna toch ook maar even de gletsjer.

Hierna varen we terug en dan een andere arm in naar de Holgate gletsjer die iets kleiner maar nog steeds heels erg groot is. Hier blijven we een kwartiertje liggen. Het weer zakt weer in en ik begin de kou nu toch echt te merken, ondanks dat ik regelmatig binnen ben in de boot. Heb drie lagen truien aan en twee jassen, maar toch kruipt de kilte langzaam naar binnen. En dan te bedenken dat het nu maar 10 knopen waait met 3 ft golven. Rustiger dan dat wordt het hier niet. ’s Winters tijdens de vele stormen kan het 100 knopen waaien en staan er golven van 35 ft hoog. Dat is datzelfde weer als op de beringzee bij die krabvissers. Kan me er geen voorstelling van maken hoe koud dat moet zijn en dan nog met sneeuw en ijsregen, midden in de nacht terwijl ze vol geraakt worden door zo’n golf die over het dek heen komt zetten. Brrrrr, moet er niet aan denken.

Onderweg maak ik nog kennis met Rika, één van de bemanningsleden. Zij doet onderzoek naar vinvissen, een walvissoort waar nog heel weinig van bekend is en dat wil zij gaan veranderen. Heel spontaan en positief tiepje. Ze kan me van elke orcafoto die ik heb gemaakt precies vertellen welke het is en hoe die heet. Ik geef haar nog de tip van Flip. Die had ik in Australië gekregen. Flip is de bijnaam van een bekende walvisfotograaf die op dit soort tripjes gewoon overboord springt en met zijn camera’s aan de slag gaat. Zijn boek moet ik nog steeds eens kopen.

We zien ook nog een grote zwarte beer langs een kiezelstrand struinen. Hij lijkt een vis te hebben, maar ingezoomd op de foto lijkt het een stuk hout te zijn. De boot blijft een tijdje liggen hier zodat ik een hele lading foto’s van hem kan schieten. Ik schroef de iso maar flink op. Het is nu kiezen tussen scherpte verliezen of kleurdiepte verliezen en ruis erbij krijgen. Beter maar voor de scherpe fotos gaan dan want met dit licht en de bewegingen van de boot gaat dat al gauw mis merk ik. Het is een vrij grote beer, wat een beest zeg. Had juist weer een beetje moed verzameld om toch een keertje het bos in te gaan. Heb immers mijn bearspray, maar moet er niet aan denken dat ik zo’n apparaat tegenkom. Er schijnen er hier best veel te zitten. Is allemaal koud regenwoud hier.

Hierna gaan we weer op weg terug. Onderweg zien we nog een verdwaalde humpback whale. Vrijwel allemaal zijn ze al richting Hawaii vertrokken waar ze overwinteren en jongen krijgen. Op het zuidelijk halfrond gebeurt precies hetzelfde, maar dan andersom. In de arctische wateren zijn ze ’s zomers om zich vol te vreten met kril en haring, dan trekken ze 3000 mijl richting de evenaar om te jongen. Die krijgen 5 maanden lang 100 gallon melk per dag en groeien 15 kilo per uur, de jongen dan. Daarna weer 3000 mijl terug naar de koude wateren zodra het jong er sterk genoeg voor is. De moeders eten al die tijd niet en raken 50% van hun gewicht kwijt.

Ook komen we nog langs een rots met een aantal steller sea lions. Er vliegt behoorlijk wat vocht door de lucht en het is ook al vrij donker geworden. Ik besluit maar geen foto’s te maken en alleen maar te kijken. Stellers zijn de enigen in de zeehondenfamilie die rotsen kunnen beklimmen. In de afgelopen jaren is 80% van de populatie gestorven en niemand weet waar dit door komt.

De terugreis duurt lang en vlakbij de haven komen we de orcas weer tegen. Op een eilandje voor de kust staat een autonoom weerstation dat aan internet is gekoppeld. Via de website van NOAA kun je volgen hoe het actuele weer hier is. Dat ga ik van de winter toch eens een paar keer doen.

Terug aan wal even een fish & chips naar binnen werken. Erg lekker weer. Hier weten ze hoe je dat moet klaar maken. Geen vette bagger. Heilbot is ook echt fijne vis. Lijkt een beetje op kabeljauw, maar is veel dichter en de smaak is ook beter. Op de menukaart staat ook kingcrab en snowkrab, je weet wel die grote dingen die ze in die kooien van 200 m diepte optakelen in Deadliest Catch op Discovery Channel. Ben wel benieuwd hoe het smaakt en moet het toch eigenlijk een keertje eten nu ik hier ben. Is ongeveer dubbel zo duur als heilbot, 45 dollar voor een pond. Als ik vraag hoe het smaakt en of het op vis lijkt antwoordt de serveerster dat het vooral erg zout is en naar de zee smaakt. Ze zegt als je heilbot eet lust je ook krab. Ik zou ze eigenlijk allebei wel willen proberen, maar dat hebben ze alleen maar voor 2 personen. Snowcrab is dit jaar helemaal niet gevangen. Ok die komt de volgende keer dan wel. Kingcrab moet morgen dan maar eens gaan gebeuren. Ben benieuwd…

Kaarten, Grafieken & Downloads

GPS Kaart met kleurgecodeerde hoogte informatie

Kleurgecodeerde afstand/hoogte grafiek

Kleurgecodeerde afstand/hoogte grafiek, Alaska Herfst 2013, Dag 12

Download het originele gpx bestand hier.

edit